Productiemethode

tScapreel en de Taelgerie gaan niet over één nacht ijs als het op betrouwbaarheid van onze publicaties aankomt. Het dunne boekje op A5 formaat, met een tiental tekeningen van kostuums mag dan niet erg 'glossy' ogen, er is veel denk- en handwerk, liefde voor de wetenschap en het couturiersvak in verwerkt. Het dubbelgevouwen A4-tje met de werkbeschrijving en werkschetsjes en de erbij gevoegde patronen op ware grootte zijn gebaseerd op 20 jaar ervaring met het reconstrueren van middeleeuwse kleding, het zelf dragen ervan en degelijk geschiedkundig onderzoek. Sommigen zullen de prijzen ervan hoog vinden, maar als u ziet wat er voor werk inzit, hoeveel jaar ervaring erachter steekt en hoe klein de doelgroep is, dan zult u begrijpen dat we niet minder kunnen vragen (dan zijn we vijand van onze portemonnee) of meer (dan koopt u het niet meer). Een korte beschrijving.

Ger en de Taelgerie

GerGer is zeker net zo lang bezig met kleding als ik. Ook zij was van het begin af aan betrokken bij de LHO en middeleeuws Archeon (ze werkte er ook als vissersvrouw) en gezien haar achtergrond van handige en deskundige naaister zat het er in dat ze historische kleding ging maken. We hebben in die periode veel van elkaar geleerd. Ger werd op den duur zelfs specialistisch kleermaker voor met name middeleeuwse kleding in binnen- en buitenland. Eind 1995 richtte zij daarom het atelier voor middeleeuwse kleding De Taelgerie op dat achtereenvolgens in Den Haag en Keulen (D) gevestigd was. Ze werkte voor groepen, individuen en musea over heel West Europa. Ook was en is ze op middeleeuwse markten van tScapreel te zien als kleermaakster. Sinds begin 2005 woont en werkt ze weer in Nederland, nu in Dordrecht, en is de samenwerking tussen broer en zus 't Jong serieus van start gegaan met het opzetten van de patronen- en brochurelijn om zelf middeleeuwse kleding te maken.

De patronen die Ger maakt zijn dus gebaseerd op die 15 jaar ervaring met het maken van middeleeuwse kledingstukken. Zij weet precies hoe al die kostuumonderdelen gedragen worden en hoe ze bij diverse personen vallen of zitten. En ze weet hoe je dergelijke patronen aanpast aan je eigen maten, vandaar ook de tips in de patroonsets. Die patronen zijn verder gebaseerd op nog bewaard gebleven kleding uit de Middeleeuwen. Er zijn namelijk veel stukken textiel gevonden bij archeologische opgravingen die allemaal in specialistische studies en verslagen zijn gepubliceerd. Ook is er nog wat kleding bewaard gebleven in kerken omdat ze afkomstig was van middeleeuwse heiligen. Deskundigen hebben daar de nodige conclusies uit getrokken en door het maken van replica's van die gevonden kledingstukken veel kunnen concluderen over vervaardigingstechnieken en draagwijze. Eigenlijk deden ze wat re-enacters en levende geschiedenisgroepen ook al jaren doen, maar dan strakker wetenschappelijk. Ik heb al de bekende publicaties bestudeerd en tevens veel kleding nagemaakt, en ook Ger heeft daar veel van geleerd. Beide ervaringen gecombineerd heeft veel informatie opgeleverd. Die vindt u terug in onze brochures en patroonbladen.

De combinatie van jaren ervaring, veel kennis en zorgvuldige vergelijking staat garant voor zeer betrouwbare informatieverstrekking vanuit de Taelgerie en tScapreel. Natuurlijk blijven er, zoals bij alle historische bronnen, hiaten. Stukken geschiedenis waarvan we niet meer kunnen nagaan hoe het precies was omdat de informatie erover verloren is gegaan. Omdat er echter veel afbeeldingen van bijvoorbeeld middeleeuwse kleding zijn kun je wat betreft de ontbrekende links wel 'raden' hoe bepaalde zaken in elkaar zaten. Zeker met de praktijkervaring van Ger en de jaren van vergelijkende studies middeleeuwse leefcultuur van Henk. We gaan, zoals gezegd, niet over één nacht ijs. Over alles wat we schrijven en tekenen is nagedacht. Alle kleding is tevens gebaseerd op door ons al eerder gemaakte exemplaren. We weten wat goed zit, kunnen aan het resultaat zien of het klopt met de plaatjes en kunnen dan met een gerust hart zeggen dat u, als u de werkaanwijzingen opvolgt, een perfecte replica van een middeleeuws kledingstuk krijgt.

Productiewijze

De patroonpakketten worden dus zorgvuldig voorbereid. Breipatronen worden eerst uitgeprobeerd door Ger en de steken worden nauwkeurig bijgehouden. Pas als ze volkomen tevreden is met het resultaat (en dat kan ook nog wassen en vervilten inhouden) schrijft ze de volledige werkbeschrijving op. Omdat Ger ook een goed tekenaar is maakt ze daar zelf de werktekeningen bij evenals die voor het omslag. Deze onderdelen worden bij mij afgeleverd. Ik tik de tekst over op de computer en controleer die drie keer. De tekeningen worden gescand en beide worden in de DTP layout voor breipatronen 'gegoten'. Een proefprint haalt er de fouten nog wel uit en daarna kan de beschrijving definitief geprint worden.

Naaipatronen kosten nog meer werk. We beslissen samen welk patroon we kiezen. Uit Gers enorme verzameling patronen wordt het betreffende patroon gekozen en bekeken op authenticiteit: voldoet het aan de snit die op de plaatjes te zien is en komt het patroon overeen met authentieke echte kledingstukken. We passen die patronen namelijk niet aan aan de moderne praktijk: je krijgt het zoals het was. Ger kiest een gemiddelde maat en tekent het patroon uit op 25 %. Maten, vouwen en andere aanwijzingen worden aangegeven. Tegelijk schrijft ze de werkbeschrijving en voegt daar de nodige werktekeningen en het omslagontwerp bij. Dat kost een aantal dagen als het om ingewikkelde patronen gaat, maar toch minstens een dag per patroon. De tekst en tekeningen worden weer bij tScapreel respectievelijk getypt en gescand en in de lay-out gegoten en gecorrigeerd. Daarna print ik het dubbelzijdig op A4 en vouw het tot A5.

De patronen worden in CorelDraw ingelezen en van tekst voorzien en naar de kopieerinrichting gemaild. Die maakt een 400 % print op grote A0 vellen. De kosten daarvan bedragen een derde tot bijna de helft van het uiteindelijke verkoopbedrag. Dan worden ze gevouwen en Ger doet ze in afsluitbare plastic tassen, waar ook nog het patroonblad bij gedaan wordt. Ook hier zijn de oplagen klein, tussen de 10 en 20 stuks per keer. Die kleine oplaag zet geen zoden aan de dijk, maar hij is wel handig bij het tussentijds aanpassen van tekst, tekeningen of lay-out.

Wat wij eigenlijk hopen is dat onze klanten het unieke zullen zien van onze aanpak. Wij geven een stuk historische kostuumkunde gebaseerd op eigen, recent onderzoek en voegen daar het op de authentieke manier van vervaardigen gebaseerde patronen bij. Dat is heel zeldzaam. Binnen re-enactment kringen doen wel patronen de ronde die datzelfde hebben, maar gedegen kostuumkennis is daar ook zeldzaam. Kostuumboeken doen (bijna) nooit aan patronen. Aan de andere kant is hun kostuumkennis dikwijls flink verouderd en niet aan de praktijk gerelateerd zodat ze zelden een kloppende kledingreconstructie kunnen opleveren. tScapreel en de Taelgerie combineren beide zaken en leveren zo een uniek product. Het kost wat maar dat mag dan ook wel, vinden we.